'Duurzaam Multifunctioneel Bedrijvenpark Zevenellen laat zien hoe proces en ambitie samenkomen'
Alle foto's: OML
Aan de Roermondseweg in Haelen verrijst het Duurzaam Multifunctioneel Bedrijvenpark Zevenellen (DMBZ). Het is een imposant gebied van circa 48 hectare waar ruimte is voor opslag, circulaire en biobased bedrijvigheid en het midden- en kleinbedrijf. Met een eigen haven en een strategische ligging biedt het park volop kansen voor ambitieuze ondernemers. Maar minstens zo belangrijk is de duurzame ambitie die aan de basis ligt van de ontwikkeling. En BREEAM-NL fungeert daarbij als belangrijke leidraad.
John Giesen, Gebiedsontwikkelaar bij Ontwikkelingsmaatschappij Midden-Limburg (OML), vertelt dat OML al heel lang bezig is met duurzaamheid. "We merkten op een bepaald moment dat we de kennis en tijd misten om dat echt goed en gestructureerd door te voeren." Het werken met BREEAM-NL bracht daar structureel verandering in. Het gaat daarbij om meer dan de certificering an sich. Hoe het tijdens het proces wordt ingezet is minstens zo belangrijk, volgens Giesen. "We wilden laten zien dat we duurzaam ontwikkelen, maar ook hóe. BREEAM helpt ons om dat stap voor stap te doen. Het is voor ons eigenlijk meer een handleiding."
Die handleiding begint volgens hem al in de vroegste fase van gebiedsontwikkeling. "Je kunt niet na een half jaar denken: er moet ook nog ergens een boom komen. Vanaf het eerste moment moet je rekening houden met natuur, water en inrichting." Om die aanpak te verankeren, investeerde OML in kennis en organisatie. Er kwam een gespecialiseerd duurzaamheidsteam, inclusief ecoloog en energiespecialisten. Ook werden gemeenten en partners betrokken via trainingen. "We hebben bewust iedereen meegenomen in wat BREEAM inhoudt, zodat je echt samen optrekt in het proces."
Complexiteit van gebiedsontwikkeling Het toepassen van BREEAM-NL op gebiedsniveau brengt andere uitdagingen met zich mee dan bij individuele gebouwen. DMBZ is daar een goed voorbeeld van. Het terrein – ooit de locatie van de kolengestookte Maascentrale – kent een lange geschiedenis en veranderde in de loop der jaren deels in een natuurgebied. Die context zorgde voor weerstand uit de omgeving toen de plannen concreet werden. "Mensen waren het gebied gaan zien als natuur of agrarisch landschap. Dan komt een bedrijventerrein harder binnen," aldus Giesen. Juist in dat spanningsveld bleek het BREEAM-proces waardevol. OML zette sterk in op participatie, onder meer via een klankbordgroep met omwonenden, bedrijven en overheden. "We hebben echt geluisterd. Niet alles kan, maar we hebben wel degelijk aanpassingen gedaan op basis van input uit de omgeving."
Duurzaamheid zichtbaar maken Een van de meest zichtbare resultaten van die aanpak is het behoud en de herontwikkeling van oude koelwaterkanalen tot een natuur- en wateropvanggebied van ruim twee hectare. "Daar ben ik wel trots op", zegt Giesen. "In eerste instantie wilden we dat dempen voor extra kavels, maar we hebben besloten het open te houden en natuur de ruimte te geven." Dit soort keuzes illustreert hoe BREEAM bijdraagt aan een bredere kijk op waardecreatie. Niet alleen economische opbrengst, maar ook ecologische en sociale kwaliteit spelen een rol.
Tegelijkertijd is het park aantrekkelijk voor bedrijven. De BREEAM-NL-certificering vertolkt daarbij een duidelijke meerwaarde. "Er zijn bedrijven die zich juist daarom hier willen vestigen. Ze willen laten zien dat ze duurzaam zijn en dan helpt een gecertificeerde omgeving."

Langetermijnvisie Hoewel DMBZ nog in ontwikkeling is, wordt er al nagedacht over de lange termijn. Via een parkmanagementorganisatie en gezamenlijke investeringen van bedrijven wil OML de kwaliteit van het gebied blijven waarborgen en verbeteren. Dat draagt ook bij aan een duidelijk eindbeeld; namelijk een toekomstbestendig bedrijventerrein waarin bedrijven samenwerken en grondstoffen en energie uitwisselen. "Dat bedrijven elkaar versterken is voor mij een ideaalbeeld. Dat de reststroom van de één input is voor de ander. Als dat lukt, dan hebben we echt iets goeds neergezet." BREEAM speelt daarin voor hem een blijvende rol. "Het helpt je om continu de juiste vragen te stellen," besluit Giesen. "En om duurzaamheid echt onderdeel te maken van alles wat je doet."



